toespraken 2009 (terug naar alle toespraken)

welkomstwoord Eelco Wichers, voorzitter
Jeroen Uhm
Leo Rooze

welkomstwoord Eelco Wichers, voorzitter (naar boven)

Geachte aanwezigen,

Namens het bestuur van onze vereniging heet ik u allen van harte welkom. Ook welkom geheten bij dit “Lustrum” onze loco burgemeester dhr.G. Snijders en eveneens de kabinet chef van de Afd. Communicatie dhr. J. de Wit als afgevaardigden van de gemeente ’s-Hertogenbosch.
Ook de aanwezigheid van enkele fractieleden uit de gemeente Den Bosch geeft opnieuw blijk van hun betrokkenheid om dit ’lustrum’ bij het monument te willen bijwonen en zal door alle vrienden van HONI geapprecieerd worden. ‘Last, but not least’ heten wij welkom het bestuur en enkele leden van de vereniging ‘Darah Ketiga’ (Derde Generatie) , die vandaag “de daad bij het woord” zullen voegen en het HONI monument gaan adopteren.

Het is vandaag 5 jaren geleden dat de vereniging HONI’42-’49 werd opgericht en sindsdien hebben wij ons ledental zien groeien van 60 naar 144 leden en wij hopen dat het verder aangevuld zal worden met nog meer leden uit de 3e en verdere generaties.

Vandaag op deze ‘lustrum herdenking’ werd door het bestuur gekozen het thema :
“Het Indisch verleden met volgende generaties verweven”

Dit thema zal onze volgende generaties met dat Indisch verleden blijvend confronteren! Ik heb u allen al eerder gezegd, dat hetgeen in het voormalig Nederlands Indië is geschied niet meer uit ons geheugen kan worden gewist. Het moet daarom voor de volgende generaties Indische Nederlanders duidelijk zijn, dat in zo’n prachtig land waar de 1e en 2e generatie geboren werden en deels getogen zijn, heel wat liefdevolle herinneringen bewaard zijn gebleven. De ‘vredige’ leefwijze en zonder zorgen hadden genoemde generatie in dat mooi land mogen beleven.
Pas dan, in 1939 hadden velen van ons in dat verre Indië een bang voorgevoel i.v.m. een naderende ‘wereldbrand !’

Hoe diep werden wij in het verre Indië getroffen door het radio bericht van de NIROM dat Nederland moest capituleren voor een Duitse overmacht in mei 1940 ?
Wij allen die dit in Ned. Indië hoorden, wisten dat wij van het vaderland werden afgesneden !
Na dit bericht volgden de ‘onheilsberichten’ via het dagelijks nieuws over het vaderland via de BBC . Nederlands Indië moest gaan mobiliseren en zich gereed maken voor een eventuele dreiging. En inderdaad verspreidde de “wereldbrand” zich tot ver in de Pacific en over heel Zuid Oost Azië.
Nederlands Indië werd overweldigd door een overmacht van een Japans Invasie leger. En zo gebeurde het dat Nederlands Indië capituleerde op 8 maart 1942.
Alle KNIL militairen werden geïnterneerd en voorlopig ondergebracht in leegstaande (school) gebouwen achter prikkeldraad en streng bewaakt. Velen van de echtgenoten en of moeders konden in enkele steden hun wederhelft of zonen van een afstand waarnemen als zij met hun achtergebleven kroost dat “voorlopig onderkomen “ passeerden. Na een korte tijd werden al deze mannen en jonge miliciens op een onmenselijke methode op transport gesteld. Zij werden in overvolle schepen naar gebieden buiten Java en zelfs naar Thailand/ en Birma en ook naar Japan getransporteerd. Na de oorlog werd ons (‘de achterblijvers’) pas duidelijk dat zij er als krijgsgevangenen en dwangarbeiders te werk werden gesteld! Velen aan de Pakanbaru(Sumatra) spoorweg, ook duizenden aan de evenzo beruchte Birma spoorweg en ook velen van hen op scheepswerven of in de kolenmijnen in Japan en,… zelfs in de lood en zinkmijnen van Mandsjoerije ( Oost China) dat door Japan was bezet.

In het HONI-program is melding gemaakt dat een ouder lid dhr. Rooze en ook de raadsman en adviseur van onze vereniging dhr. Berhitoe bij deze herdenking hun toespraken zouden houden.
Dhr. Berhitoe moet echter om gezondheidsredenen hiervan afzien en had het bestuur van HONI verzocht hem te willen vrijwaren.
Toch wil ik namens dhr. Berhitoe een toelichting geven uit zijn gevangenschap te Nagasaki-Japan . Hij had als krijgsgevangene eveneens dwangarbeid moeten verrichten op een scheepswerf. Ook is hij niet ontkomen aan de slagen met een honkbal stick door een Japanse bewaker. Van dit wrede incident hield hij tot op de dag van vandaag zijn invaliditeit over. Het vreselijk gebeuren met de val van de atoombom op Nagasaki bevond hij zich op tijd , diep ondergronds in een kolenmijn. Hij werd door het Int. Rode Kruis en door de Amerikaanse troepen bevrijd.

Met de internering van alle manspersonen waren de gevolgen voor de
achtergebleven vrouwen en kinderen zeer zorgwekkend ! Het ‘vredig leven’ dat wij (1e en 2e generatie) hebben gehad, hield abrupt op! Alles, maar dan ook alles hield op voor hen die zich Nederlander kan noemen !
Alle verbodsbepalingen die het Japans bewind voor de weerloze achterblijvers hebben voorgeschreven, zijn onmenselijk en tegen alle internatonale begrippen.

Het leed van allen in en buiten de kampen onder het ‘juk’ van de bezettingsmacht is voor een mens die dit niet aan de lijve heeft ondervonden, nauwelijks te beseffen !
Helaas is er na de tweede Wereldoorlog in het vaderland te weinig aandacht geschonken aan de gebeurtenissen in de Nederlands Indische kolonie aangaande de Japanse bezetting en de nasleep van de “Bersiap”-periode.

Wij “ouderen” hebben nu de hoop gekoesterd dat een vereniging van deze 3e generatie ‘jongeren’ met de naam “Darah Ketiga” eindelijk door hun adoptie van het HONI monument het besef tot de Nederlands Indische jongeren laat doorwerken dat dit thema: “Het Indisch verleden met volgende generaties moet worden verweven en het willen blijven aanvaarden, dat het ook hun geschiedenis zal blijven !”

Dank U .

 

Jeroen van Uhm (naar boven)

"Toen ik een jaar of 12 was, vroeg mijn moeder me mee te gaan naar de
Indie-herdenking in Ermelo...
Natuurlijk wilde ik dat.
Hoewel er niet gepraat werd over de Japanse bezetting,
wist ik wat er gebeurd was dankzij de vele tijdschriften die bij mijn oma thuis lagen.
Wanneer ik die verhalen las voelde ik het verdriet, de pijn en de woede van mijn opa en oma.
Japan werd mijn vijand.
Keizer HIROHITO het kwaad.
En stichting Japanse Ereschulden mijn helden.

Maar pas na de dood van mijn opa kregen de verhalen meer diepgang.
Ik hoorde hoe mijn opa bij de Birmaspoorweg half levend tussen de lijken lag toen Japan capituleerde.
Hoe mijn oma en haar zussen, buiten de kampen, zich verstopten om niet als troostmeisje te worden meegenomen.
Hoe mijn oom als krijgsgevangene in Japan de atoombom op Hiroshima zag vallen.

Mijn haat voor Japan raakte ondergeschikt aan de respect, liefde en medeleven die ik voel voor mijn grootouders.

Want daarom zijn wij derde generatie Indische-Nederlanders hier, uit respect, liefde en medeleven voor onze grootouders.
Want hun leed, is ons leed.
Hun vrijheid, onze vrijheid.
En hun geschiedenis, onze geschiedenis.

Dank u wel.

 

Leo Rooze (naar boven)

VERSCHRIKKINGEN VAN EEN OORLOG

Iedere oorlogsslachtoffer heeft een verschrikkelijke ervaring meegemaakt die in zijn geheugen gegrift is.
Velen hebben de dood meerdere malen in de ogen gekeken.
Ook ik heb de dood meerdere malen in zijn ogen gekeken, maar het overleefd.
Vandaag na jaren van stilzwijgen, ga ik U over één van mijn verschrikkingen vertellen.
Een situatie waarin veel mensen zinvol of zinloos het leven lieten.
Wreed en onmenselijk gedrag, voortkomend uit machtswellust en overlevingsdrang.
Ik heb het op de 12e januari 1942 voor mijn ogen zien gebeuren en aan den lijve ondervonden.

De situatie:
7.500 Nederlandse krijgsgevangenen, gestouwd in 5 Japanse vrachtschepen, je behoeftes moest over de reling doen, velen van ons leden aan dysenterie. Je kreeg sinds je ingevangen name dagelijks portie slaag en de portie slaag is groter dan je portie eten.
Op transport:
De vloot is 4 dagen geleden vertrokken van uit Tandjoeng Priok, via Singapore naar Rangoon in Birma, om ons daar als slaaf te laten werken aan de beruchte Birma spoorlijn.
We varen op de 12e januari 1942 in de Golf van Martaban, ongeveer 85 km verwijderd van Rangoon als om 15.40 uur, 7 Amerikaanse Libarators ( B-17 bommenwerpers) opduiken.

De Libarators lozen hun gevaarlijke lading op de schepen. Wij worden opgeofferd voor het goede doel, namelijk het vertragen en nog liever het verhinderen van het tot stand komen van de Birma spoorlijn.
Tijdens het bombardement zit ik benedendeks en voel de zware inslagen. 3 voltreffers!
Paniek, geschreeuw. Het zijn benauwde momenten.
Als ik naar boven vlucht zie ik op weg naar het dek overal de bloedspatten, gewonden en doden.

Boven aangekomen zie ik nog meer doden, opengereten lichamen en totale verwarring.
Twee van de schepen zinken voor mijn ogen, de achterstevens gaan omhoog om dan met een enorme klap in de diepte te verdwijnen.
Velen die nog in het ruim en op het dek zijn, gaan de diepte in.

Het 3e schip waar ik op zit is gekapseisd en ligt al op haar zij.
De commandant geeft ons het bevel van boord te gaan en zo snel mogelijk van het zinkende schip weg te zwemmen.
Ik spring van boord, gelukkig kan ik redelijk goed zwemmen.
De zee ziet zwart van de drenkelingen.
In het water dobberen wij, Nederlandse krijgsgevangenen en de Japanse soldaten.
De Japanse soldaten hebben zwemvesten aan en zijn gewapend met een bajonet.
Wij moeten ons zonder zwemvesten zien te redden.

Haaien zwemmen om ons heen, we krijgen de instructie om met de handen op het water te slaan en de benen te bewegen om de haaien te verjagen.
Het helpt niet bij iedereen.
Op zo’n moment komt de oerdrang, de drang om te overleven, bij een mens naar boven.

Het is hij of ik
Wat zich in het water afspeelt is met geen pen te beschrijven, moorden werden gepleegd. Ik zie het allemaal om mij heen gebeuren.

Afgepeigerd, na ruim 7 uren in de zee trachten te overleven, word ik om 23.00 uur opgepikt door een Japanse korvet.
Voor zo ver ik het kan zien is er slechts 1 korvet, vanzelfsprekend gaan die vijand voor.

Veel van mijn lotgenoten, het aantal weet ik niet, zijn bij het bombardement gedood of al van boord en later in de zee door die vijand vermoord.

Met moeite zwem ik naar een Japanse korvet, grijp een touwladder en klim omhoog.
Als ik met moeite boven arriveer, krijg ik een slag met een geweerkolf op mijn hoofd.
Ik val weer in zee. Ik haat die vijand.

Wij die het gered hebben worden rond middernacht in de gevangenis van Rangoon gestopt.
De volgende dag worden we, slechts gekleed in een lendendoekje, aan het werk gezet.

Zij die het niet meegemaakt hebben, kunnen zich moeilijk een voorstelling maken van de directe, de indirecte gevolgen en de nasleep die een wrede, onmenselijke oorlog met zich meebrengt.

Het draait allemaal om geld en macht en een mensenleven meer of minder is niet belangrijk.
Ik heb gezien en ondervonden dat je als mens niets voorstelt.
Wie en wat je ook bent in het dagelijks leven, tijdens een oorlog ben je een onbelangrijke pion.
Een pion die geofferd wordt voor geld en macht.

In mij hart hoop ik dat de mensheid hiervan zal leren, van de verschrikkelijke 2e Wereldoorlog en het nooit meer zal gebeuren.

Maar nee, de mens gaat gewoon door. Al zolang de mens bestaat is er oorlog.

Maar… door een betere communicatie, zijn overheden eerder op de hoogte van de brandhaarden op de wereld en kunnen ze tijdig ingrijpen.

Vrede is een kwestie van wederzijds respect en begrip.
Oorlog het smerige spel om macht en geld.

BEDANKT VOOR UW AANDACHT EN VREDE VOOR IEDEREEN